Esther Stichting

Historie

Voorheen waren de patiënten met de Ziekte van Hansen (= lepra) in Suriname in inrichtingen ondergebracht. (zie Historische schets van lepra in Suriname). Deze instellingen waren opgezet ter bevordering van een betere medische behandeling van de patiënten en een effectieve bestrijding van de toen zeer gevreesde ziekte lepra.

Later kon, door intensieve toediening van bepaalde geneesmiddelen de ziekte met succes worden bestreden. Het verheugend gevolg hiervan was dat na enige tijd tot sluiting van de leprozerieën kon worden overgegaan.

Enkele genezen verklaarde patiënten hebben toen o.l.v. dhr. Leo Rechaards het initiatief genomen om de levensomstandigheden van de ex-Hansen cliënten te verbeteren.
Hiertoe werd een toenmalig lid van de Staten benaderd, “Oom“ Wim Bos Verschuur.
Hij had zich doen kennen als een zeer sociaal bewogen mens.

Zijn geldinzamelingactie werd een groot succes en met dit geld werd het Esther Fonds
opgezet. De Esther Stichting werd opgericht in 1951.

In 1952 werd aangevangen met de bouw van de eerste 6 woningen aan de
Emile Boutersestraat 1 -23.

Esther Hof

Op 13 december 1953 werden deze woningen opgeleverd. Hierin werd een 20-tal cliënten ondergebracht en de Esther Hof was geboren.

Vermeldenswaard is ook dat de Esther Stichting genoemd is naar de echtgenote van de heer Leo Rechaards, Esther Pass.

Met financiële ondersteuning van een sociaal bewogen Nederlandse miljonaire mw. Weismuller, werden er later meerdere huizen gebouwd. In het kader van de integratie werden er ook in diverse woonwijken, zoals Latour, Houttuin, Lelydorp en Koewarasan woningen opgezet ten behoeve van de ex-Hansen personen.

Beleidsvisie Esther Stichting

De stichting onderschrijft de visie van CAMRODD (= Caribbean Association for Mobilizing Resources and Opportunities for people with Developmental Disabilities), zoals verwoord in de “Blueprint voor de 21e eeuw”.

Uitgaande van de eigen zienswijze van de stichting en van de vereniging Bemacha is de participatie van de cliënten in het totaal gebeuren van de stichting optimaal.

· De Esther Stichting is pro-actief en zeer toekomstgericht; zij is dan ook constant bezig met innovatie van bestaande werksoorten, optimalisatie en evaluatie.

· De stichting heeft medewerkers die gemotiveerd en deskundig zijn. Zij werken met liefde, genegenheid en respect t.o.v. cliënten en collega’s. Zij zijn kritisch t.a.v. hun eigen, en elkaars functioneren, hebben een collegiale opstelling en evalueren hun activiteiten regelmatig.

· De stichting is maatschappij gericht, doet aan netwerk- ontwikkeling en participeert in organisaties in binnen- en buitenland, die de belangen van cliënten en medewerkers dienen.

Doelstelling

De zorg voor de cliënten die ten gevolge van lepra gehandicapt zijn geraakt en hulp en begeleiding nodig behoeven, alsmede de zorg voor de kinderen van de cliënten.

Cliëntenbestand
Het aantal van de stichting ligt rond de 300.

Cliëntenorganisatie
Vereniging Bemacha

Woonlocaties· Estherhof
· Julianahof
· Lelydorp Oost
· Lelydorp West
· Latour
· Koewarasan
· Santodorp
· Houttuin
· Meerzorg

Post en bezoekadres
Emile Boutersestraat 1-23
Paramaribo, Suriname
Tel. (+597) 462790, 462123
Fax (+597) 462700

Bankrekeningen
RBTT 001.203268-6 SRD
RBTT 001.970332-1 Euro
VCB 1225.1.2068 SRD

Ontstaan Koningin Juliana Hof (Juliana Hof)

In Paramaribo steeg de huisvestingsnood onder de ex-patiënten, vanwege de trek uit de leprozerie Groot Chatillion richting Paramaribo.

Het Esther Hof was reeds overbevolkt dus moest er wederom naar een oplossing worden gezocht en deze werd gevonden op het Juliana Hof.

Dr. Paul Nimel, leproloog bij de leprakliniek en zr. Zeemil, werden vaak geconfronteerd met het huisvestingsprobleem en gingen op zoek naar opvang. Het probleem werd besproken met dr. Van Erpecum, longarts op het sanatorium en tevens bestuurslid van de Esther Stichting. Zij kwamen tot de conclusie dat een deel van de woningen op het Juliana Hof ten behoeve van de ex-Hansen personen kon worden gebruikt, aangezien de ziekte van Koch afnam en er steeds meer huizen leeg kwamen te staan.

Het Juliana Hof is oorspronkelijk opgezet voor ex-Koch patiënten, die na hun ontslag uit het sanatorium niet naar huis terug konden of wilden. Het Juliana Hof is gebouwd in een rustige omgeving (Maystraat), bestaat uit 9 panden, waarvan elk pand geschikt is voor het onderbrengen van twee personen. Er werd besloten om het te proberen door eerst twee ex-Hansen personen in het Juliana Hof op te nemen. Zij moesten aantonen dat ex-Hansen personen heus geen moeilijke mensen zijn om mee samen te leven zoals men de gemeenschap wilde laten geloven.

De komst van de eerste ex-Hansen personen op Juliana Hof.

Te Groot Chatillion werden dhr. Sammy IJvelaar en dhr. Tja Foek On door de bewoners aldaar, verkozen te verhuizen naar het Juliana Hof.

Op 11 september 1972 kwamen ze aan en werden ontvangen door zr. Wildeboer. Zij waren vrijer in hun doen en laten dan de ex-Koch patiënten die er nog woonden. Zo mochten ze bezoek ontvangen van familieleden, vrienden en kennissen, ze konden ook buitenshuis gaan werken. Voeding werd verzorgd door de Esther Stichting. In het gemeenschapsgebouw stonden de televisie en de telefoon.

Twee bejaardenverzorgsters, zr. Olivieira en zr. Tjon A Waay waren belast met de begeleiding van alle bewoners. Deze zusters waren alleen overdag aanwezig. Als er in de avonduren hulp nodig was, werd er een beroep gedaan op de dienstdoende zuster van het sanatorium.

Er waren totaal geen problemen met de nieuw aangekomenen. Integendeel, ze hadden een goed humeur en brachten nieuw leven in de leefgemeenschap van het Juliana Hof. Tussen 1972 en 1974 kwamen steeds meer huizen vrij, waardoor meer ex-Hansen personen hun onderdak vonden op het Juliana Hof. Zij konden daar proberen een nieuw leven op te bouwen.

Leven en werken op het Juliana Hof

Een groot deel van de meer dan 40 jaar oude woningen zijn recentelijk gerenoveerd, hetgeen een verbetering betekent van het leefklimaat van de bewoners. Hieronder volgt een korte schets over het leven van enkele huidige bewoners.

Dhr. Sammy IJvelaar, één van de eerste bewoners woont er nog steeds. Hij is een actieve self advocate die zijn maatschappelijke betrokkenheid heeft getoond en dit nog steeds doet door zijn participatie in verschillende besturen van sociale instellingen. Als lid van het bestuur van de Esther Stichting heeft hij er mede voor zorg gedragen dat er terreinverlichting kwam op het Juliana Hof. Hij heeft zich nu ontpopt als een jeugdleider, die door middel van een jongerensoos de jongeren van de straat houdt. De soos is dagelijks geopend en biedt de mogelijkheid tot tafelvoetballen, biljarten, zaalvoetballen en het spelen van verschillende computergames.

Mw. Jacqueline M. Geldorp, verhuisde in 1977 naar het Juliana Hof. Zij is moeder van 4 kinderen en heeft met hun een hechte band. Haar kinderen en kleinkinderen bezoeken haar vaak op het hof. Door het Ministerie van Sociale Zaken en Volkshuisvesting is zij als huishoudelijke kracht gestationeerd bij de Esther Stichting. Ze heeft gewerkt te Juliana Hof en is momenteel werkzaam bij de Esther Hof. Thuis op het Juliana Hof waardeert ze vooral de rustige en aangename omgeving. Als één van de drie vrouwelijke bewoners heeft ze vaker medebewoners geholpen als die haar hulp nodig hadden, bij ziekte of huishoudelijke werkzaamheden.

Mw. Irene Leonie Fernandes, is de vrouw van oom Sammy. Zij vestigde zich op 9 augustus 1984 op het Juliana Hof. Daarvoor heeft zij ingewoond bij haar zuster, maar wilde liever zelfstandig wonen. Irene heeft jarenlang als nachtzuster een bejaarde vrouw die op het Esther Hof woonde, verzorgd. Na het overlijden van de vrouw heeft ze eveneens een paar jaren de oppas gedaan op een baby. Met de verkoop van loten van de Nationale Loterij Suriname, waarvoor ze vaste afnemers had, verdiende ze een basis inkomen. Het wonen op het Juliana Hof, in het bijzonder de rust, bevalt haar goed.

Johan Harold Burnett, woont sinds 1982 op het Juliana Hof. Het huis waarin hij woonde had heel wat gebreken, waardoor het noodzakelijk was te verhuizen. Hij kreeg huishoudelijke artikelen en meubilair ter beschikking gesteld door de Stichting. Tegenwoordig gebeurt dat niet meer. Dhr. Burnett heeft als bewaker gewerkt bij het Ministerie van Arbeid en drie maanden als tuinman bij de Esther Stichting. Hij is dagelijks op het Esther Hof waar hij meestal bezig is te sleutelen aan zijn bromfiets of soms aan de fietsen van de medewerkers van de Stichting.

Toekomstvisie

De Esther Stichting richt zich conform haar doelstellingen op de hulp aan ex-Hansen en ex-Koch patiënten, maar gezien de aard van de doelgroep is zij zich ervan bewust dat de oorspronkelijke doelgroep snel aan het vergrijzen is. Niettemin propageert zij de activiteiten die moeten leiden tot eliminatie van lepra in het jaar 2010. De Esther Stichting is gericht op emancipatie en integratie van haar doelgroepen. Begeleiding geschiedt op basis van individualiteit en is altijd gericht op persoonlijke en collectieve behoeften van cliënten.

De Esther Stichting is zeer toekomstgericht, ontwikkelt nieuwe initiatieven en zal binnen afzienbare tijd een omschrijving geformuleerd hebben voor de nieuwe doelgroep.

Historische schets van lepra in Suriname

Lepra (S.T.: takroe siki), is een infectieziekte die voornamelijk op de huis voorkomt en die de perifere zenuwen aantast. Personen die vroeger aan deze ziekte leden werden uit de gemeenschap verbannen, om te voorkomen dat de ziekte zich verspreidde.

In de geschiedenis van lepra in Suriname kennen wij vijf leprozerieën:

· 1790 – 1824 Plantage Voorzorg gelegen aan de Saramacca rivier. De eerste besmetten werden er ondergebracht zonder fysieke of geestelijke zorg.

· 1824 – 1897 Plantage Batavia gelegen aan de Coppeneme rivier. Dit melaatsen etablissement werd opgericht vanwege haar moeilijke ligging dichtbij de oceaan, waardoor men het gevaar voor besmetting ver buiten de stad kon houden.

· 1895 – 1964 Gerardus Majella Stichting. Een door katholieken geleide instelling waar melaatsen zich vrijwillig konden aanmelden voor verzorging.

· 1897 – 1973 Groot Chatillion. Een oude suikerplantage welke ingericht werd tot model leprozerie. De veranderde visie over lepra had tot gevolg dat met deze inrichting de omstandigheden en de behandeling van patiënten verbeterd werd.

· 1899 – 1963 Bethesda. Leproserie onder leiding van de protestanten (Broeder Gemeenschap, Luther en Hervormd). De protestanten werden door de zending gemotiveerd om ook verantwoordelijkheid te dragen ten aanzien van de zorg voor lepralijders.

· In 1972 vond de opening plaats van een leprapolikliniek, die in 1971 werd geïncorporeerd in de Dermatologische Dienst. Personen besmet met die ziekte konden hier terecht voor medische zorg.

Uit:

Ø Het Koningin Juliana Hof.
Een brochure uitgegeven met de financiële steun van The International Association for Integration, Dignity and Economic Advancement (IDEA). De aanzet voor de uitvoering van dit project lag in handen van mw. Marja Themen, voormalig directeur van de Esther Stichting.
Met de uitgave van deze brochure en het boek “Zorg en strijd voor waardigheid” willen de initiatiefnemers nationale en internationale bekendheid geven aan een stukje geschiedenis over lepra in Suriname. Het gaat in deze om de stigma op lepra te elimineren en een positief (zelf)beeld op te bouwen van en over de personen die lepra hebben gehad.

Ø Brochure Esther Stichting

Voor meer informatie over de Esther stichting surf naar
http://www.cq-link.com/nonprofit/estherstichtin